Fietsbloem.jouwweb.nl
Home » Reisverslagen » Namibie 2008

 

Namibie 2008

Namibie op de fiets, een gevecht door het zand

 

Zondag 1-6 Vertrek naar Namibië

 

Met de KLM vertrekken we naar Frankfurt, de bedoeling was een uur eerder dan de overige deelnemers, vanwege een technische storing vertrekken we echter later. Er moest een nieuw vliegtuig worden ingevlogen. Op schiphol hadden we Wil al begroet, zij was al vroeg aanwezig, de overige deelnemers zien we pas in Frankfurt bij vertrek naar Windhoek.

 

Dag 2 – Windhoek.      Eerste kennismaking.

Tijdens de vlucht heb ik redelijk kunnen slapen, naast mij was een stoel leeg dus dat gaf wat extra ruimte. Ik wordt door Cor gewekt om naar de mooie zonsopkomst te kijken die de hemel in vuur en vlam zet, wat een prachtig natuurverschijnsel. Door de luidsprekers in het vliegtuig klinkt: een reisje langs de rijn rijn rijn, kan het nog Duitser?

Het vliegveld in Windhoek ziet er nog verlaten uit, heel anders dan de hektiek op schiphol. We verlaten het vliegtuig middels een trap(hoezo gate?) en lopen door een snel opgetrommeld cordon Namibianen over de landingsbaan naar de aankomsthal alwaar we vernemen dat er vandaag 10 vliegtuigen zullen landen, hoezo druk???? Even is er oponthoud bij de douane, dat gaat nog niet zo snel. Ondertussen zijn de koffers en ook de fietsen al op de band, het had ons niet verbaasd als ze er niet zouden zijn.

Nu snel naar buiten, op naar Namibië. We worden hartelijk verwelkomt door Monique die ons stralend staat op te wachten, het voelt een beetje als thuiskomen, heerlijk zo’n ontvangst, snel worden er wat nieuwtjes uitgewisseld de rest volgt later.

De fietsen worden op het dak gezet, de koffers achterin en de transfer naar Windhoek is een feit.

Eerst de stad in, in het hotel kunnen we nog niet terecht, het is nog te vroeg en dat vinden wij niet erg.

We gaan eerst op een gezellig terrasje wat eten en een drankje nuttigen, daarna Windhoek verkennen, de noodzakelijke Namib dollars pinnen om de eerste week door te komen en wat aan de sightseeing doen. Windhoek is een historische stad met Duitse architectuur zoals de Kerk en het oude fort (Alte Feste), musea, terrasjes en parlementsgebouwen. In tegenstelling tot veel Afrikaanse steden is Windhoek een goed onderhouden stad, maar is de Afrikaanse sfeer levendig aanwezig.

Tijdens onze trip bemerk ik dat er iets mis is met mijn schoenen, thuis nog zorgvuldig gecontroleerd of alles nog in orde was, zool goed vast zat, veters in orde, nu ineens hangt de zool er half af, dit gaat dus niet werken, er is maar een goede oplossing: terug naar het winkelcentrum en eerst een paar deugdelijke schoenen aanschaffen, dit blijkt makkelijker gezegd dan gedaan, niet dat er geen schoenwinkels zijn, helaas zijn niet alle maten schoenen meer voorradig dus is de keus niet welke schoen maar welke maat heeft u nog?  Wat zijn wij hier verwend, het is maar dat u het even weet.

Gelukkig vind ik nog een passend paar en trek ze meteen maar aan, de zool van mijn bergschoenen hangt nog net met een paar draadjes vast. De aardige jongeman bij de kassa wil de oude schoenen pontificaal gaan inpakken, helaas moet ik hem teleurstellen en vraag: mogen die hier blijven? Enigszins verwonderd wordt ik aangekeken?? Ja, natuurlijk mag dat! Tja, misschien is het toch wel een beetje vreemd dat je zomaar een paar schoenen achterlaat.

In de veronderstelling dat mij wat schoenen betreft niets meer kan gebeuren verlaat ik opgewekt de winkel en begeven we ons naar het terras waar we eerder deze dag zijn begonnen om gezamenlijk nog wat te drinken.

Om 3 uur worden we bij de bus verwacht voor transfer naar WinhoekLodge waar we de nacht doorbrengen. Lekker even douchen en wat relaxen.

Vanavond eten in Joies bierstube, leuke tent, lijkt wel een museum. We eten een spies met daaraan: kip(lekker gewoon) koedoe, Zebra, Springbok en om het spannend te maken Krokodil.

Met uitzondering van de krokodil die wat tranig smaakt en droog van structuur, smaakt het ons voortreffelijk. Waarschijnlijk zou de krokodil meer van ons genieten dan wij van hem hebben gedaan. Dit belooft wat voor de komende weken. De sfeer is heel gezellig, leuk om zo de eerste avond door te brengen.

 

 

Dag 3 – Windhoek – Rehoboth (90 km)   Route aftasten….

Dit is de eerste dag van de fietstour. De eerste fietstocht begint bij Heroes Acres, een standbeeld dat de strijd voor vrijheid van Namibië herdenkt.  een indrukwekkend monument. Het sleutelklaar maken van de fiets duurt even, voordat iedereen zijn zit in het zadel gevonden heeft moet er dus gewerkt worden. Ondertussen maken we kennis met de DieriDieri, een kever die aan kannibalisme doet, volgens wat ons wordt verteld eet hij zijn soortgenoten op. Ook krijgen we de eerst bavianen in zicht die zich luidkeels aankondigen. Het fietsen is even wennen we rijden niet alle dagen aan de linkerkant van de weg, heb nog even een spookrijdergevoel. Het lezen van de route bezorgd ons de slappe lag, het is een heel verhaal maar het komt erop neer dat we alleen maar rechtdoor fietsen, er staat alleen maar: bij spoorbrug onderdoor, bruggetje over, rechtdoor bij afslag enz enz  Doordat we worden afgeleid door een betoverend landschap is dat gevoel snel verdwenen. De tocht gaat redelijk gemakkelijk glooiend over het asfalt naar Rehoboth we volgen de snelweg, maar deze weg is bijzonder rustig. Namibië telt maar weinig inwoners en auto’s, waardoor de geasfalteerde hoofdwegen relatief rustig zijn. De weg loopt over golvende en groene heuvels met prachtige vergezichten naar Rehoboth. Op km.38 hebben we een door Monique rijkelijk voorziene koffiestop, genieten van een drankje en een hapje en de natuur. Pas na Rehoboth wordt het iets heftiger, want de laatste kilometers gaan omhoog via een grondpad. Rehoboth is bekend om zijn inwoners De Bastards. Een volk dat uit zogenaamde bastaarden bestaat. Inheemse gemengd met blank bloed.  In de 18de eeuw legde zij de lange weg af van de Zuid-Afrikaanse Kaap naar Rehoboth. Zij werden daar niet geaccepteerd en hoopte hier een nieuw bestaan op te bouwen. Dat is, na veel strijd, uiteindelijk gelukt. Rehoboth is nu een authentiek nijverheidsdorpje met een trots en vriendelijk volk. We overnachten in het natuurpark Lake Oanob dat aan een grote waterdam ligt, voordat we daar arriveren, rijden we nog even door naar de stuwdam en hebben een fraai uitzicht over de camping, de meningen zijn wel een beetje verdeeld of deze uitspatting de moeite waard was ja of nee, ik vind nog steeds van wel. De eerste 90 km zitten erop…. Zo eerst met zijn allen een drankje en uiten onze bewondering over deze prachtige plaats, hoe krijg je het gevonden.

Ieder zoekt vervolgens een plekje om de tent op te zetten, wij zetten onze tent op aan de rand van het meer, moeten daarvoor wel over een lastig paadje naar beneden, de bodem is wat stenig en daardoor lukt het niet echt om een haring in de grond te krijgen, beetje schuiven met de tent en dan lukt het wel. Daarna lekker douchen en kunnen we aanschuiven bij het inmiddels opgestookte kampvuur, gezellig onder een prachtige sterrenhemel. Terwijl Monique aan het kokkerellen is ontstaat er een gemoedelijke sfeer.

We eten: soep, potjieskos en appeltaart toe.

Met zijn allen dragen we zorg voor de afwas en beleven daarna een gezellige avond.

Temperatuur vandaag: 25

Gem. Snelheid: 22.9

Temp.snachts: 1.3

 

 

Dag 4 – Rehoboth – Namibgrens (117 km)  Hoefgetrappel…..

Na een woelige nacht, nog niet gewend om in een tent te slapen met onbekende geluiden, en er liep namelijk veel gespuis om de tent vannacht, ik werd gewekt door het geluid van hoefgetrappel niet wetend wat voor dier er om de tent sloop, het ook te donker was om ook maar een hand voor ogen te zien, houd ik de adem in terwijl ik luister wat er buiten gebeurd, het geluid van een grazend iets bereikt mijn opengesperde oren en dan begrijp ik dat we niets te vrezen hebben. Totdat zich een nieuw geluid rond de tent aandient en opnieuw spits ik de oren: er knabbelt iets aan de tent, wat een nacht, zal blij zijn als het licht wordt. Langzaamaan verdwijnen de geluiden en doet het ochtendgloren zijn entree. Om 5 over 6 stap ik de tent uit en ga van de opkomende zon genieten, een spectaculair gezicht. De nachtelijke geluiden blijken bij nader sporenonderzoek een of meerdere koedoe’s te zijn geweest.

Na een lekker ontbijtje, de afwas en het plakken van een lekke band van Ria Het worden er 4 vandaag) gaan we op weg  voor de tweede fietsdag. Vanaf nu loopt de hele route tot aan Swakopmund over grondpaden. Als we het natuurpark verlaten fietsen we eerst terug naar Rehoboth om vervolgens weer af te slaan. We zien hier de eerste bokken en even verder de eerste Giraffen, een goed begin van de dag. Hier beginnen zich ook de eerste tekenen van de woestijn zich te manifesteren. De begroeiing wordt schaarser en minder groen. De heuvels hoger en de etappes zwaarder. Het grondpad is hier en daar ook wat minder, veel los zand en losse stenen houden onze aandacht soms te lang op het pad gericht. Maar tegelijkertijd lijken de vergezichten spectaculairder en maakt het land een intenser indruk. Af en toe komen we grote rotsen tegen, die midden in het land liggen als door reuzen neergelegd. Het is hier erg stil, je vraagt je af waar gaat dit heen? Woont hier wel iemand? Langs de weg zien we grote nesten van wevers als hooibergen in de bomen. Monique is door pech met een raam wat verlaat voor de koffiestop, op 80 km haalt zij ons in en nemen we even ons gemak met een hapje en drankje. Hier zien we een reusachtig wevernest dat lijkt op een grote vogel, heel kunstig gemaakt. Als we weer op weg zijn, schiet er voor Cor zijn wiel een slang ijlings de weg over de bosjes in, slecht’s een glijspoor achterlatend. We moeten nog een bergketen door dus zijn het nog wat pittige kilometers. We overnachten op 1850 meter aan de rand van de Namib Woestijn op een boerderij met de toepaslijke naam Namibgrens. Het is even zoeken voor we weten waar we moeten zijn, ver van de bewoonde wereld, de zon is al onder dus in schemer wordt in allerijl de tent opgezet en zoeken even snel de spullen voor de nacht bij elkaar, nog nooit is het zo’n rommel geweest in de koffers. We kamperen tussen prachtige granieten rotsformaties. Tussen deze rotsen zijn douches gemaakt, met douchekop tegen de rots, onder de sterrenhemel staan we te douchen bijgelicht door de zaklamp,  we douchen vanavond samen om elkaar bij te lichten, wat een romantiek.

De toilet is eveneens tussen de rotsen gemaakt, ik maak een van paaltjes gemaakte deur open en sta oog in oog met een klipdassie dat zittend op een rots mij verbaasd aankijkt, daarna zie ik pas dat aan de rechterkant de toiletpot staat met boven mij de sterrenhemel, dit is een geweldige ervaring: wildplassen maar dan luxe. ‘s avonds genieten we bij een kampvuur in een zitkuil en prachtige sterrenhemel. We eten gegrild lam(braai), salade, gevulde pompoentjes, erg lekker. Dit is Afrika op zijn best. Vanwege de koude nacht krijgen we een warme kruik mee naar bed, dit begint erg op een 5 sterren kampeertocht te lijken.

Temp. 25

S’nachts 1.5

Gem. snelheid: 18.1

Dankzij de warme kruik heb ik heerlijk geslapen, in tegenstelling tot gisternacht(1,3gr) was het vannacht niet zo koud met 4gr. Om 6 uur komt de zon ineens over de bergen tevoorschijn en wordt de natuur weer opgewarmd. De tent wordt meteen opgeruimd en na een ontbijt in de vorm van een picknick, bekijk ik eerst een DieriDieri oftewel een korenkriek die over mijn bidon wandelt, op de rotsen achter ons dartellen de klipdasjes in het rond, het leven in de natuur is weer in volle gang. Het is nu al warm. Na de afwas stappen we met zijn allen op de fiets en rijden het park uit. Vandaag is een pittige tocht. 90 kilometer over het grondpad en over rotsachtige heuvels. Het eerste gedeelte vanaf de camping is relatief gemakkelijk. Grillige rotsformaties en piekige heuvels hier begint de spreetspas,  deze pas daalt overwegend kronkelend langs ravijnen en kloven en bij elke bocht is er weer een ander prachtig gevormde berg of uitzicht. Op de spreetspas is een fraai uitzicht, even stoppen we hier om wat op adem te komen en de dorst te lessen. Als we het uitzicht hebben geabsorbeerd  stappen we weer op en beginnen we aan de gevaarlijke afdaling, die grotendeels erg steil en over losse stenen gaat en waar ik uit veiligheidsoverwegingen afstap en maar een stukje ga lopen. Na de pas wordt de weg glooiend en krijgen we te maken met veel wasbord en loszand. De temperatuur moet is inmiddels gestegen tot 30 a 35 gr. meet een strakblauwe hemel. Opeens zien we koedoes, zij zien ons ook en rennen ijlings weg. Regelmatig stoppen we even om van dit imposante landschap te genieten. De pas is ook de scheidslijn voor de woestijn en het achterliggende land, want eenmaal door de pas komen we in een droge vallei terecht dat zover als het oog kan kijken plat is met hier en daar een uitstekende inselberg. Dit is het begin van de Namib woestijn. Met 80 miljoen jaar, de oudste woestijn van de wereld. Midden in deze vallei ligt het dorpje Solitair een in the middle of nowhere dorp in de woestijn. Bij Probeer hebben we een koffiestop, Monique is via een andere pas naar beneden gegaan, met zijn allen zoeken we de schaduwkant van de bus op lekker even uit de brandende zon. Na de stop rest ons nog 30 km zandhappen voor we bij Solitaire zijn, als er een auto passeert zitten we in een grote stofwolk. De weg is hobbelig, glooiend en dalend. We overnachten in het hotel van Solitair: Solitaire Country Lodge, een plaatsje midden in de rimboe, een Hotel, benzinepomp, een autokerkhof en een paar huisjes is alles wat er is. Wat een wonderlijk land is dit toch, veel last van burengerucht heb je hier niet.

Er wordt eerst een drankje genuttigd, haast hebben we niet de tent hoeft vandaag niet opgezet. Wel moeten de fietsen opgeladen want morgen na de excursie naar Sesriem hebben we een transfer.

Er is ook tijd om het wasje te doen en voor de liefhebbers een zwembad, aan de geluiden van de badgasten te horen is het water koud en springt iedereen er weer net zo snel uit als dat ze er ingesprongen zijn.

Na een verkwikkende douche gaan we naar de zonsondergang kijken die mooie kleuren tovert op de tegenoverliggende bergen.

We eten vanavond in het restaurant, buffet, met o.a. gewokte springbok.

Temp:37

S’nachts: 4

Gem. Snelheid: 16.8

 

 Dag 6 – Excursie Sossusvlei en via Kuiseb Canyon naar Vogelfederberg Dauw(zand)trappen….

Deze dag staat geboekt als een rustdag met een excursie. Dat betekend om half 5 opstaan, Monique heeft beloofd ons te wekken en overal horen we jaja als zij op de deur klopt. Na een kopje thee en een sopbeschuitje gaan we om half 6 op pad met de bus richting Sossusvlei. Op naar de zandduinen een van meest bekende gebieden van Namibië. In de bus genieten we van het ochtendgloren, de opkomende zon tovert de hemel in vuur en vlam hetgeen je doet vergeten dat je er zo vroeg voor uit je bed moet. Het is mooi om te zien hoe de wind een sluier van zand oppakt en langzaam met zich meevoerd naar boven de lucht in, meteen rijst bij mij de vraag: komt hier ons woestijnzand vandaan? De weg blijft ons verbazen: vlak, dan weer heuvelig, zandduinen en nog meer zandvlakte. Eenmaal binnen het park licht er tot onze verbazing een asfaltweg. Dit is gedaan ter bescherming van de kameeldoornboom, deze gingen dood door het vele stof wat veroorzaakt werd door rijdende auto’s. De bomen zijn een belangrijke voedselbron voor de dieren. Sossusvlei is een groot woestijngebied waar de duinen rood gekleurd en soms honderden meters hoog zijn. Ze tekenen zich scherp af tegen de blauwe lucht. Hier en daar groeit een verdwaalde boom of een oase met water en dieren.

In de verte zien we hete lucht ballonnen hangen, het moet een machtig mooi gezicht zijn vanuit een ballon over dit landschap.

Wij stoppen bij een (droge) rivier om wat foto’s te nemen van de ballonnen en een mooi zandduin. Het is niet te beschrijven hoe mooi het hier is, zelfs de gemaakte foto’s geven de werkelijkheid niet echt weer.

Aangekomen op Sesriem stappen we over in een 4wheeldrive en  5km door het losse zand gaat de tocht verder naar de Sossusvlei hier kom je met een normale auto niet doorheen. We hebben een ontbijtpakketje meegekregen en het eerste wat we doen bij aankomst is aan een picknicktafel ontbijten er zit van alles in. Zitten wij lekker simpel op ons bankje, zit er even verderop een heel gezelschap aan een zwaar gedekte tafel met beklede stoelen met achter zowat iedere stoel een bediende, lekker decadent te doen.

Na het ontbijt is het tijd voor de beklimming, eerder gezegd dan gedaan, want wat begin je in los woestijnzand dat meer weg heeft van poeder? Het is 2 stappen vooruit en 1 stap achteruit langst de steile kant omhoog. Phht waar ben ik aan begonnen, ik overweeg een paar keer om op te geven maar de wil om boven te komen wint toch weer en ik moet eerlijk bekennen het was vreselijk zwaar maar ik zou het voor geen goud willen missen, wat een ervaring is dit en een uitzicht, whow, geweldig. Wat een supermooi uitzicht. Het is er zo onwerkelijk mooi, dat rode landschap, dat foto’s niet echt lijken, maar gefotoshopped Er lopen hier leuke kevertjes over het zand die zich razendsnel kunnen ingraven, leuk om te zien. Nadat we uitgebreid van het landschap hebben genoten is het tijd om weer naar beneden te gaan eerst lopen we netjes over het randje, later gaan we over de flank de hakken in het zand zettend naar beneden en voelen ons weer even kind.

Onze 4wheeldrive staat al weer klaar voor vertrek, nog even het zand uit de schoenen gooien en dan instappen en terug naar Sollitaire. Hier nog even sandwiches en een drankje voor we aan de transfer beginnen: nog 200 km te gaan door de Kuiseb en Gaub Canyon richting Vogelfedergeberg. Dit is een grote granieten berg midden in het vlakke woestijnlandschap.  De Namib-woestijn is een groot uitgestrekt gebied en de afstanden eindeloos, De tocht is op zich al spectaculair, want nog nooit hebben we zo een desolaat en verlaten gebied gezien. Het is alsof men op de maan is beland. Het is een raadsel hoe plant en dier hier kunnen leven, maar ze hebben zich aangepast.

Onderweg stoppen we nog even bij de kreeftkeerkring, er staat hier tenminste een bord met de tekst: Tropic of Capricorn, door ons vrij vertaald: een erg lekker zoutje. Monique plakt een cycletours sticker achter op het bord, reclame maken midden in de woestijn.

Opeens roept Monique: we zijn er bijna ????? het zal wel maar volgens mij is er hier niks te zien behalve een groot rotsblok, laten we daar nu net moeten zijn: Vogelfederberg midden op de woestijnvlakte met helemaal niks als die enen rotsblok.

We rijden naar de achterkant van de rots waar zich een soort van grot bevind, zie hier onze kampeerplek, verstoken van alle modern comfort brengen wij hier op een primitieve manier de nacht door.

Er staat een stevige wind, hindernis een, enige verkenning van de bodem duidt op stenige ondergrond, hindernis twee, bijna donker, hindernis drie.

Eerst snel de tent opzetten we bedenken dat als we de tent op zijn plaats willen houden we snel een paar grote keien naar binnen moeten mikken want met deze wind is de tent niet te houden, haringen gaan de grond niet in dus wordt de tent verder verstevigd met de koffers en de tassen tegen de zijkanten. Ondertussen merken we op dat het hier niet koud is, we lopen nog steeds in een shirtje rond.

Nog net kunnen we de zon over de rand zien zakken, wat een uitzicht, kilometers niks en het is zo mooi, ongelooflijk.

Nadat iedereen erin is geslaagd om zijn/haar tent overeind te krijgen, drinken we gezamenlijk koffie met beroemde Appeltaart uit Solitaire in de grot, gezamenlijk zijn we het erover eens dat dit een superleuke plek is.

Als Monique druk in de weer is met de bereiding van de soep worden we geëntertaind door Jan die onder een prachtige sterrenhemel ons bezig houd met liedjes en grappenmakerij, we genieten van een heerlijke soep met brood uit Solitaire en hebben een fantastische avond.

# Lees het boek Solitaire van Ton v.d.Lee

Temp. 25

S’nachts:5

Gem. snelheid:22.7

 

Dag 7 – Vogelfederberg- Swakopmund (100 km)  Breed Strand…

Vanmorgen staan we al voor 6 uur naast de tent noodgedwongen om een plekje te zoeken voor een sanitaire stop. De zon tovert alweer haar vlammende kleuren aan de horizon.

Douche is er niet dus lekker behelpen in de tent, al klinkt het misschien raar: dit is tot nu toe de leukste kampeerplek.

De wind was gelukkig gaan liggen, we hebben lekker oftewel keigoed geslapen. De tent wordt weer van zijn keienlast ontdaan en kan weer worden ingepakt. Er hebben vannacht wel weer beesten om de tent gelopen, er was een jakhals gezien….

Fietsen worden weer rijklaar gemaakt en na een lekker ontbijtje en de afwas moeten we deze geweldige plek verlaten en gaan we richting Swakopmund.

Deze route naar Swakopmund is een rustige route. Het landschap en de route is overwegend vlak, licht glooiend hier en daar.  Het uitzicht bestaat uit: links zand, rechts zand, voor zand en achter zand, beetje breed strand dus. Behalve een paar auto’s is er niks te zien, toch staat er ineens een jongen aan de kant van de weg, waar komt die vandaan? We vragen het hem en hij verteld dat hij in een mijn werkt hier verderop en staat te wachten op vervoer om boodschappen te gaan doen in Walvisbaai.

Deze weg is zo apart, zo helemaal niets dan alleen zand, dat we vragen aan Gerard om een foto van ons tweeën te maken, dan komt Monique voorbij en denkt dat er iets gebeurd is? Nee hoor alleen maar een fotootje. Op 38 km genieten we op ons gemak van de lunch. Dan rijden we door naar Walvisbaai Ineens is er meer begroeiing en doemen er rode zandduinen in de verte op en ineens fietsen we het havenplaatsje Walvisbaai in, even op verkenning. De woestijn stort zich letterlijk in de zee. Er is geen overgangsgebied.Vanuit Walvisbaai fietsen we tussen de zandduinen en de oceaan over een drukke asfaltweg naar Swakopmund. Rondom Walvisbaai hangt een stinkende vislucht, goed dat we hier niet slapen. Onderweg wordt er druk gebouwd het toerisme rukt hier ook op. Met de wind in de zeilen bereiken we al vrij snel Swakopmund. In dit vriendelijke kustdorpje overnachten we in punthuisjes: Swakopmund Restcamp, hier voegen ook de ouders van Monique zich bij ons voor een paar dagen. Na een drankje en een douche gaan we het dorp verkennen, het is zaterdag en de meeste winkels zijn dicht na 13.00 uur. Op het terras bij Monique drinken we nog wat en helpen ondertussen een handje om het diner te bereiden.

We eten: garnalencocktail, kip op kolen gegrild, sla en een heerlijke vruchtensalade toe. Het smaakt ons weer heerlijk.

Om 11.00 duiken we ons bed in.

 

Dag 8 – Swakopmund    rustdag, strandhoppen…..

Vandaag hebben we een echte rustdag, als we opstaan, hangt er nog een beetje mist maar al vrij snel trekt de mist op en na een lekker ontbijtje met roerei spek en tomaat, gaan we Swakopmund verkennen, We lopen eerst naar het strand, beetje rondkijken, genieten van het bruisende water en zoeken dan een internet café op. Mailen lukt niet, ligt waarschijnlijk aan de provider, gestuurde mail komt meteen terug, ga thuis wel uitzoeken wat de oorzaak is. Ondertussen beginnen onze magen te knorren en besluiten we eerst een hapje te gaan eten. We genieten van een lekkere garlic-burger rijkelijk voorzien van frites en sla. Na deze culinaire uitspatting vervolgen we onze weg langst het strand, genieten van de bruisende golven die wild uiteenspatten op het strand, het is opkomend water. Er is hier ook een mooie shadow walk aangelegd, enorme palmbomen en een bloemrijke beplanting sieren het plaveisel. Verderop torent een vuurtoren tussen enorme palmen omhoog als doen zij een wedstrijd wie het hoogste is.

Op een terrasje drinken we nog wat en daarna lopen we over het strand weer terug waar inmiddels allerlei sportiviteitben plaatsvinden zoals rugby, handbal en skating, een enkeling waagt zich in het ijskoude water. De dag is dan al ver gevorderd eer we bij ons huisje zijn. De ouders van Monique zijn inmiddels gearriveerd.

Swakopmund kunnen we omschrijven als een leuk stadje, een ware oase is in de woestijn. De architectuur is voornamelijk Duits en men kan er “bratwurst und sauerkraut” eten met een goed glas Duits bier. Ook de Duitse taarten zijn hier rijkelijk verkrijgbaar. Maar Swakopmund is vooral lekker vanwege zijn milde klimaat en zeker na dagen in de woestijn is het heerlijk verkoelend. Het stadje heeft vele winkeltjes, restaurantjes, musea .

Vanavond gaan we uiteten in de buurt van de vuurtoren.

Ik geniet van een heerlijke vis, het is een gezellige avond.

  

Dag 9 – Swakopmund – Hentiesbaai (75 km) Zoutbad….

Vanmorgen is iedereen vroeg precent, de route is niet lang maar we gaan op zeehonden excursie en daar heeft iedereen zin in.

Dat Namibië een land is van extremen dat ondervinden we op deze route. De weg licht tussen de rand van de lege woestijn en de lege oceaan. Hoewel dit woestijngebied is, waait de koude Atlantische Oceaan wind ons om de oren.

We rijden in de kille ochtendnevel met het jack aan Swakopmund uit tot onze grote verbazing is hier een fietspad, moet niet gekker worden, en komen dan op een glooiende zoutweg die rijd als een asfaltweg, richting Hentiesbaai. Na 20 km belanden we weer in de zon, kan het jack uit en moet er weer gesmeerd worden. Met wederom de wind in de rug gaat het in stevig tempo en na 38 km hebben we een koffiestop, Monique is er nog niet dus gaan we braaf wachten als ze komt doen we net of we het nog koud hebben, en in rap Afrikaans wordt ons dan toegeroepen dat we koukleumen zijn hahaha.

Het laatste stuk rijden we 30 km per uur, nog nooit hebben we 75 km in zo’n korte tijd afgelegd, wat zeehonden al niet kunnen doen.

Camping lodge is leuk met grappige douche/wc units waarbij je de tent kunt opzetten.

Snel de tent opzetten, douchen, het water was nog niet echt warm, maar de zeehonden lokken ons.

Het wordt weer een aardig tochtje, kunnen al bekijken welke richting we morgen uitmoeten.

Onderweg passeren we zoutpannen, Monique belooft op de terugweg te stoppen. En dan eindelijk Cape Cross, we stappen uit en worden gewaarschuwd voor de stank. Gelukkig ruik ik niet zoveel maar de anderen groepsleden beginnen meteen te roepen dat het vreselijk stinkt, en vaag neem ik ook een onaangename geur waar. Soms is het wel prettig dat je niet veel ruikt alhoewel als je zo iets geweldig moois te zijn krijgt moet je niet gaan zeuren dat het stinkt, we hebben er tenslotte ook nog 3 kwartier voor moeten rijden.

Nog nooit zoveel zeehonden bij elkaar gezien, zij produceren een hels kabaal met zijn allen. Er zitten voornamelijk vrouwtjes en jongen zeehonden de mannelijke leden voegen zich later bij hen. Er zouden er nu ongeveer 60.000  zitten. Een fantastisch gezicht, het kost even tijd om alles te overzien ik moet alles even rustig op me in laten werken.

De jakhalzen liepen er niet tussen maar hebben we later wel gezien. Het is een waar natuurspektakel dat moet je echt gezien hebben een absolute aanrader voor iedere reiziger die naar Namibië gaat. Jammer dat we weer terug moeten, ik kan uren genieten van zo’n schouwspel maar we weten ook dat het om half 6 donker gaat worden.

Op de terugweg wordt nog gestopt bij een stalletje met te koop aangeboden zoutkristallen, er zijn pracht exemplaren bij gelieve het geld in een busje te doen, ook hier zijn de mensen goed van vertrouwen ik hoop dat het niet beschaamd wordt.

Nog wat verder stoppen we bij een zoutpan, de zon tovert ondertussen mooie kleuren op de rotsen. Het water is echt verschrikkelijk zout, ik vul een fles met zout water om ever mijn wond te gooien, volgens de wondverpleegkundige in het ziekenhuis zou dit heel goed zijn, proberen dus maar.

Het rosé alg wat in de zoutpan drijft is de kleurstof die de flamingo’s die hier van drinken rosé kleurt. Even verder hebben we gelegenheid om de ondergaande zon te fotograferen.

Vanavond eten we: Tonijnsoep, erg lekker, Vis en salade.

Temp:20

Gem. snelheid:26

 

Dag 10 – Hentiesbaai – Uis (127 km)  Nog veel meer zand!

Om half 8 ontbijt en na de afwas meteen op de fiets het wordt een zware dag Niet zozeer lichamelijk, maar geestelijk is ons beloofd. Het is nog heel nevelig, beetje koud, eenmaal op de fiets is het zo weer warm. We rijden van de kust weg en fietsen diep de woestijn in. De eerste 40 km is het gewoon doortrappen, het is zand en het blijft zand, je krijgt er een zanderig gevoel van het is net of je constant naar een zandloper zit te staren. Langzaam aan kruipen we uit het dal van de oceaan het land binnen helaas kruipt het zand met ons mee. Na 40 km. hebben we een koffiestop, lekker even wat drinken en eten en na een half uurtje stappen we weer op de fiets voor de volgende 40 km zand, begrijp me niet verkeerd het is niet vervelend, eerder indrukwekkend, het is ook niet alleen maar zand het is een betoverend landschap waarvan de schoonheid niet uit te leggen is Alhoewel de weg glooiend is met weinig grote klimmen is het vooral de onpeilbare leegte en de stilte van dit stuk woestijn dat ons bezig houd. Niets is er te zien. Geen boom, geen struik en geen rotsen. Alleen zand en gruis. Zover het oogt strekt. De weg lijkt eindeloos lang in het oneindige te verdwijnen.  Gelukkig hebben we op 80 km weer een koffiestop. De hitte speelt ondertussen ook erg mee het valsplat doet de benen verzuren het is 35gr vandaag en eerlijk gezegd heb ik eigenlijk wel genoeg zand gezien, ik zie er het zand niet meer van in of zo iets. Dus eerst maar eens even genieten van de koffie, even de schoenen uit lekker even de voeten koelen, zand tussen de tenen en zo. Benen even omhoog en even laat ik mijn gedachte gaan of ik misschien beter in de bus kan stappen? Nee, toch maar niet het zand daagt toch wel uit om de route verder uit te rijden. Dus stap ik toch maar weer op voor het laatste stuk zandhappen. Na tachtig kilometer begint de wereld te veranderen.  Brandberg, met 2579 mtr. de hoogste berg van Namibië, kunnen we zien. Er komen heuvels met struiken en bomen. We fietsen ook door diverse droogstaande rivierbeddingen en dat betekend: stranden in loszand. Ineens komen we weer mensen tegen. Lokale mensen die in hutjes wonen en semi-kostbare stenen verkopen. Tussendoor neem ik nog even een korte pauze nog eens 40 km ineens red ik niet meer. Onderweg komen we ook een ezelkarretje tegen, een ideaal vervoermiddel hier. Na de leegte van de woestijn wordt dit gebied als weelderig ervaren.  Wat ons overigens ook opvalt, is dat het beloofde wild weer niet is losgelaten vandaag, hoe we ook links en rechts speuren, er is nog geen tamme geit te bekennen, nou ja, dit mag de pret niet drukken. Vooral het immense lege landschap is al een geweldige ervaring. Met veel pijn en moeite haal ik de eindstreep, ik heb het vandaag niet bepaald cadeau gekregen. Menigmaal heb ik mezelf afgevraagd: waarom doe ik dit? En ik weet het antwoord: gewoon genieten van wat de natuur me hier te bieden heeft ook al is het af en toe maar een klein bosje gras. Het wordt steeds moeilijker om de pedalen rond te krijgen mijn benen verliezen alle kracht, vooral in de stukken met los zand, daar trap ik niet meer doorheen en moet dan even gaan lopen. Onderweg komt Monique nog even terug om te kijken of we nog iets nodig hebben? Alles OK. Toch wel heeI attent van haar, graag wat water en dan kan ik weer verder. En dan eindelijk komt de camping in zicht, er staan zelfs bomen en toppunt van luxe een zwembad. We worden met applaus ontvangen.

Zo, nu hebben we wel weer een biertje verdiend, 125 km is niet niks.

Tent opzetten en douchen, helaas koud water.

Eten Gewokte groente en vlees met pasta, erg lekker

Temp:35

S’nachts 9

Gem. snelheid: 18.2

 

Dag 11 – Uis – Khorixas (132 km)  Uitgeblust.

Vandaag laten we de woestijn achter ons, we fietsen door een vriendelijk landschap over uiteraard een grondpad dat niet al te best is, veel los zand en grind af en toe een droge rivierbedding doet je stranden in het zand. Aangezien het vandaag weer 125 km is heb ik besloten om tussen twee koffiestops de bus in te gaan, anders redden mijn benen het niet.

Met de Brandberg, de hoogste berg van Namibië 2573 mtr aan de linkerkant fietsen we door de heuvels van Damaraland.  De route is lang met lange stijgingen en dalingen, maar het gebied is vol leven. Bomen en struiken, kleine nederzettingen van de Damara’s, Hier kunnen we weer heerlijk van genieten het brengt weer voldoende afwisseling om de tocht wat lichter te maken. Als we geluk hebben kunnen we onderweg de woestijn olifanten tegen komen, maar ook jakhalzen en antilopen of stokstaartjes. Helaas zat dat geluk niet zo mee vandaag, wel veel geiten en ezels onderweg.

Op de plaats van de koffiestop staan edelweissachtige bloemetjes en lopen er leuke kevertjes.

Als iedereen weer op de fiets zit, ga ik bij Monique de bus in, gezellig even bijkletsen. Onderweg staan prachtig aan gekledeHerero vrouwen met een soort van taartdoos op het hoofd, grappig gezicht. Zij verkopen souvenirs en halfedelstenen .

Bij een stalletje over de brug stoppen we en roepen Cor terug die hier fietst, hier gaan we even een leuke foto maken, Cor heeft n.l. T-shirts meegenomen die zijn Collega’s bij zijn afscheid hadden gemaakt en die delen we hier uit. Aan de beide dames die het stalletje bemannen vragen we beleefd of zij hieraan willen meewerken? Ja, hoor zij zien er de lol wel van in en trekken meteen een shirt over hun hoofd, Cor neemt plaats tussen de twee dames en we maken een paar leuke foto’s terwijl de dames staan te giechelen, zij vinden het prachtig dat ze de shirts mogen houden, zoiets hebben zij nog nooit meegemaakt en met een handdruk nemen we afscheid.

Rustig aan bereiken we de volgende koffiestop, het is een hele toer om bus met aanhanger over deze weg te krijgen vooral door de dipjes met los zand.

Terwijl we de stoelen installeren voor de fietsers, komt er een ezelkarretje aanrijden, de man kent Monique nog van vorig jaar, zij maken even een praatje hij is op weg om water te halen. Hij krijgt wat te eten mee.

De fietsers komen een voor een binnen, de Pa van Monique schept de losliggende paardenvijgen ondertussen aan de kant zodat ieder schoon kan zitten, loopt vervolgens naar de top van de weg en gaat daar tamboer spelen, heerlijk die humor.

Als Cor er is besluit ik om alvast te gaan fietsen, mijn tempo ligt niet zo hoog op dit grondpad en dan hoeft hij niet zo vaak op mij te wachten, hij is al wel moe dus laat ik hem beloven op het gemak even te rusten, maar ja tegen wie zeg je het.

Het begint lang te duren voor ik iemand zie, het maakt me enigszins ongerust. Af en toe stop ik om even om te kijken. Dan eindelijk krijg ik hem in beeld, Monique heb ik ook nog niet gezien, wat zou daar mee aan de hand zijn. Als Cor arriveert zie ik dat hij behoorlijk uitgeput is, hakt er toch stevig in twee dagen achter elkaar. Eerst wat eten en wat drinken en dan rustig aan verder, het valt niet mee. Uiteindelijk bereiken we de asfaltweg naar Khorixas (spreek uit als:korriegas) nu rijd het wat makkelijker en we zijn blij als we de camping in zicht krijgen.

De familie is druk in de weer om een en ander klaar te zetten, van Erik vernemen we dat Monique pech heeft, er is een as van de aanhanger gebroken, Alles moest onderweg worden overgeladen in de bus, een boer had geholpen om de boel een beetje op te binden zodat ze verder kon.

Cor is totalos, weet niet te zitten of te staan, toch te weinig gegeten en gedronken, dit duurt een paar uur voor dat weer over is.

Eindelijk komt Monique, wordt door iedereen getroost en kan haar verhaal doen, onderweg heeft ze alles al geregeld, we eten vanavond in het restaurant. Gelukkig hebben we morgen rustdag, komt goed uit voor de reparatie van de aanhanger.

In het donker zetten we tent op en gaan snel even douchen, het is hier wel een leuke camping, we zitten op een weitje met daarom heen een schapenhek en een eigen vuurplaats.

Vanavond is er een buffet, eten een heerlijke soep verschillend vlees en groente met reist. Smaakt allemaal goed. Langzaam begint Cor ook weer de oude te worden.

Na het eten doet het personeel hier een plaatselijk dansje, leuk om te zien.

Temp: 36

S’nachts: 9

Gem. snelheid: 18.5

 

Dag 12 – Excursie Twyfelfontein   Stenig!

Vanmorgen heerst er een gezellig gedoe rondom de tent van de ouders wordt alles in gereedheid gebracht voor het ontbijt, met zijn allen vormen we zo net een grote zigeunerfamilie, er wordt een wasje gedaan, er hangt ook al was op en Monique is in de weer met eieren en spek. Rondom ons lopen pauwen en parelhoenders.

Om half 10 gaan we op weg voor een excursie: eerst naar Petrified Forest (Versteende Bossen),

Dan naar Twyfelfontein.

Op weg daarheen hebben we een leuke ontmoeting met een man die in een kleurrijke ezelkar rondrijd, deze bestaat uit allemaal gekleurde plastic dekseltjes en dopjes. We mogen even in de kar plaatsnemen, als dank krijgt hij van Monique een fles met wat cola erin, hij blij, wij blij.

Het versteende woud is een beschermd monument, een gids neemt ons mee naar een plateau waar tientallen reusachtige boomstammen liggen van ongeveer 300 miljoenjaren oud meegesleurd door een kolkende rivier en lagen ooit begraven onder zand, dat er voor zorgde dat het hout niet verging. De cellen werden door kiezelzuur geconserveerd: de boom versteende, wind en regen hebben de stammen tenslotte weer bloot gelegd. We zien duidelijk de jaarringen en knoesten op de plaats waar takken hebben gezeten. Mijn oog valt ineens op een wel heel bijzondere plant. Het blijkt de Welwitschia mirabillis te zijn, hij leeft honderden jaren en groeit slechts een paar centimeter in die tijd, deze plant werd in 1853 ontdekt door de Oostenrijker dr. Friedrich Welwitsch in Zuid Angola. Op het eerste gezicht ziet de plant eruit als een gedrocht, de plant bestaat uit slechts twee bladeren die alsmaar doorgroeien, de wortels reiken tot drie mtr. In de grond, dit om de plant te verankeren. Door de bladeren ontrekt de plant vocht uit de optrekkende zeewind.

We hebben een leuke gids, goede uitleg en verteld ook iets over zichzelf, hij heeft er duidelijk zin in en dat maakt het voor ons ook leuk.

Twijfelfontein. De naam is ontstaan doordat er de enen keer wel water te zien was en een volgend keer weer niet. In deze omgeving hebben de San en Bosjesmannen één van de grootste natuurlijke ‘rotskunst galerijen’ gecreëerd. Deze ‘rock art’ van de Bosjesmannen gaan wij uitgebreid bekijken al wandelend, onder begeleiding van een niet zo geïnteresseerde lokale gids, waggelend gaat zij ons voor en indien nodig geeft zij commentaar, het is bijna slaapverwekkend. Deze gids doet de bosjesmannen geen eer aan. Monique loopt zich er over op te winden, het heeft geen zin. We zien de mooie rotstekeneningen. Waaronder een aantal van circa 6.000 jaar oud.

Er worden mooie opnames van de tekeningen gemaakt en met deze schat keren wij huiswaarts, de gids moeten we maar snel vergeten.

Zo nu weer terug naar ons basecamp. Nog aardig wat km’s te gaan genieten we volop van het landschap.

Terug op de camping moet Monique vergezeld van Jan de aanhanger op gaan halen.

Als ze terugkomen, zien we meteen dat er weer iets aan de hand is: Ik ben dom geweest klinkt het.

Houd dus in dat Monique een stokstaartje wilde aanhalen en dat kleine beestje wat zo lief leek meteen zijn tanden in haar duim zette aiaiai.  Dus op naar het ziekenhuis voor een tetanus injectie, al ging dat niet van harte.

Ondertussen hebben Tinneke en Erik voor het avondmaal gezorgd, zij hebben er duidelijk lol in.

Helaas wordt de rust verstoord door een paar jongeren die wat beginnen te schelden en uiteindelijk steentjes schieten met een katapult. De bewaker van het camp wordt gewaarschuwd en de rust keert weer.We eten: Rijst met curry en bananen salade, koffie en cake toe.

Het wordt toch weer een leuke avond.

Temp. 35

 

Dag 13 – Khorixas – Bambatsi (105 km)   Out of Africa..

De opkomende zon tovert weer een gloed van prachtige kleuren over de omgeving van Khorixas. We rijden op een rustige glooiende weg richting Outjo. Er staat een stevige wind die we voornamelijk tegen hebben waardoor mijn snelheid niet boven de 16 km uitkomt. Langzaam aan gaat het wat beter. Onderweg afleiding zoeken in de vegetatie bestaande uit mooie bloemen, pompoentjes en vele grassoorten. Ook signaleren we enorme termietenheuvels, heel indrukwekkende bouwwerken tot wel 2 meter hoogte. Vandaag hebben we de keus tussen asfalt of grondpad, wij kiezen voor het makkelijke asfalt, beetje rustig aan doen. Het uiteindelijke doel is Vingerklip dat in een vallei staat dat veel weg heeft van de zandstenen bergen in Arizona. Deze kolossale zandstenen rots balanceert op een kleine berg midden in het open landschap. Een spectaculair gezicht.  Bij de afslag naar vingerklip komen we deze keer op een witzandpad terecht. Bavianen vieren feest in een boom en een duizendpoot steekt de weg over in de hoop de overkant te halen, wij leggen hem geen strobreed in de weg, we willen alleen een foto. De Vingerklip ziet er uit alsof hij onder architectonisch toezicht gebouwd is, wat een schoonheid, een plaatje dat voor altijd in het geheugen gegriefd is. Absoluut de moeite waardom er even voor om te fietsen. Het nadeel is dat we hetzelfde pad moeten terugfietsen, Waarbij opvalt dat de heenweg vele malen mooier was dan de terugweg.

Na het grondpad rest ons nog een stuk asfalt en dan kunnen we door het hek bij Bambatsi Holiday Ranch. Een steil stenig pad voert ons omhoog naar een van de mooiste plekjes in Namibië Waar we nog geen weet van hebben als we eraan beginnen. Af en toe moet ik even van de fiets, beetje steil net iets teveel voor mij, gewoon van het uitzicht genieten, een ding is zeker ook hieraan komt een eind.

En dan ineens zijn we er, wat een fantastische plek om de nacht door te brengen, hier zouden we een rustdag moeten hebben, zo mooi, een geweldig uitzicht vanaf ons terras jaagt ons in de stoelen, eerst alleen maar zitten, kijken en genieten, langzaam het uitzicht in ons geheugen graveren om het nooit meer te vergeten.

Een geweldige zonsondergang maakt het plaatje kompleet, het is net een sprookje wat aan ons voorbij trekt terwijl we met de groep genieten van een drankje op ons terras.

Na een heerlijke douche maken we ons op om te gaan eten.

We worden verwacht bij de eigenaars van dit geweldige complex, daar wacht ons een nieuwe verrassing: vanaf het terras hebben we een schitterend uitzicht over het domein. Eerst lekker wat drinken en dan worden we aan een feestelijk gedekte tafel genodigd. De bediening zingt ons toe, erg leuk. We eten: pompoensoep, lekker gekruid, Eland steak met heerlijke bloemkool en aardappels, moesje toe.

Ondertussen is de voetbalgekte losgebarsten en Inge gebeld voor de uitslagen.

Temp: 33

Gem. snelheid: 18.1

  

Dag 14 – Bambatsi – Outjo (85 km)  ASFALT ROCKEN……

Heerlijk geslapen vannacht, door vogelgeluiden worden we gewekt, weer eens wat anders als hanengekraai. Het ontbijt vindt weer plaats op het terras en genieten we nog even van het betoverende uitzicht. Na het afscheid gaan we op de fiets het steile pad naar beneden, deels fietsend deels lopend over de al te steile stukken.Vandaag nagenoeg het hele gedeelte van de route heuvels met lichte stijgingen en dalingen in een voor Namibië groen landschap. Onderweg zien we wat geiten, koeien en ezelkarren waar speciale zandpaden voor aangelegd zijn. We komen een fietser tegen die aan zijn stuur een kan diesel of zo iets heeft hangen (zie foto) Het beloofde wild is ook vandaag weer niet losgelaten. De eerlijkheid gebied me te zeggen dat het op het laatst wel saai werd.

Outjo is een grotere en typische Afrikaanse stad. Druk en chaotisch en enigszins in verval. Het is ook de uitvalsbasis voor het beroemde natuurpark Ethosa. In het dorp worden eerst weer denoodzakelijke namib dollars gepind. We overnachten op een groene weelderige camping: de Ombinda Lodge, met zwembad en bar.

Als we aankomen, hangen er een paar geiten en een schaap aan een spit te draaien, er is hier een bruiloft vanavond.

Als de tent staat en we hebben gedoucht, speel ik scrabbel met Tinneke en Alice, Gerard bakt ondertussen brood, Cor worstelt met een blikopener die niet wil en zo is er een en al bedrijvigheid op ons kamp. Als de bruiloftsgasten aankomen, wordt snel de camera gepakt, moeten we even een fotootje van nemen.

We eten:Maissoep, Braai-Tbone en ribeye, zoete aardappels, brood en pompoentjes, ijs toe.

Dit was weer een dag om in te lijsten.

Temp. 32

Gem. snelheid:18.7

Dag 15 – Outjo transfer Etosha   Bij de beesten af…

Na een rumoerige nacht, er stonden tentjes met jongeren die vonden dat ze ook s’nachts hard mochten roepen en tekeer gaan, pakken we vroeg onze spullen in. We overwegen nog om een paar autobanden leeg te laten lopen, maar helaas het gespuis komt al uit de tent.

Na het ontbijt vertrekken we naar Etosha.

In Outjo krijgen we opdracht om taart uit te zoeken, helaas is de bakker gesloten en stranden we bij een souvenirwinkel, hier koop ik een shirt en een mooi hals sieraad. Hier in het dorp komen we ook voor het eerst de halfnaakte himbavrouwen tegen, zij proberen hier wat souvenirs te verkopen, wil je een foto van hun maken dan moeten er wat dollars worden neergeteld, eigenlijk wel logisch denk ik dan maar want hoe zouden wij reageren als iedereen zomaar een foto van ons zou willen maken. Monique doet ondertussen de noodzakelijke boodschappen.

Een van de grootste hoogtepunten van een reis naar Namibië is het natuurpark Etosha. Ondanks de schrale vegetatie herbergt het park een enorme diversiteit aan dieren. Ooit was hier een groot meer, maar tegenwoordig is het meer een immense vlakte van zout, klei en savannah. Alleen bij hevig regenval vult het voormalige meer zich met water. Dan explodeert de natuur in allerlei kleuren groen met een zee van bloemen. Hier komen duizenden vogels en dieren op af. Een ongekend fantastisch schouwspel. Hier kun je honderden zebra’s zien, duizenden springbokken, gemsbokken, giraffen, kolossale olifanten en uiteraard leeuwen. Het eerst zien we natuurlijk springbokjes die zich met koddige sprongetjes uit de voeten maken, hieraan danken zij ongetwijfeld hun naam.

Bij het bezoek aan het eerste watergat zien we al meteen een kudde olifanten, fantastisch, hier wordt je stil van, wat een plaatje. Dit aanzicht is met geen pen te beschrijven, ineens een gigantische olifantenfamilie, normaal zie je zoiets alleen op tv als je toevallig naar de juiste zender zipt, nu sta je oog in oog, niet dat we voor de eerste keer olifanten zien, maar hier is het wel weer heel speciaal.

In Okahandja hebben we koffiestop en nemen we afscheid van Erik en Tinneke en Chris en Alice. Ook hier is weer een watergat, wat de aandacht van iedereen meteen opvraagt, er is voor koffie of iets dergelijks weinig belangstelling meer als in het watergat een hele kudde zebra’s gaat badderen, nog nooit heb ik zoveel zebra’s bij elkaar gezien. Wat een ervaring, het was een geweldig gezicht, even later kwam er van de andere kant een kudde koedoe’s die we op de heenweg al hadden gezien, mooie beesten ook. Dit aanblik bezorgt je rillingen. Verder onderweg± giraffen, springbokken en nog veel meer zebra´s, Pauwachtige vogels.

Het landschap is hier vrij vlak, heel anders dan de Krugertuin, dus zie je de dieren veel eerder aankomen.

We overnachten in het park Etosha ook weer in de buurt van een watergat. Na het opzetten van de tent ga ik dan ook snel bij het watergat kijken, Het is vrij rustig, er zitten al veel mensen te kijken, sommige met een hele picknick uitrusting, wil je hier wat zien dan moet je ook veel geduld hebben.

Terug naar ons camp, met vereende krachten wordt de tafelgedekt en de sla gemaakt, de maaltijd spaghetti, smaakt weer erg lekker.

Na de afwas gaan we terug naar de waterplas. Allereerst genieten we van een bijzonder mooie zonsondergang. Ons geduld wordt beloond met een neushoorn waarvan we de schaduw eerder waarnemen dan van het beest zelf.

Verder blijft het rustig en worden we alleen maar geplaagd door muggen die in grote getallen op de schijnwerpers afkomen die hier staan opgesteld om de plas te verlichten.

Een goede reden om de plas te verlaten en naar ons kamp terug te gaan waar gezamenlijk nog een drankje wordt genuttigd voor het slapengaan.

 

Dag 16 – Ethosha    Giraffendag….

We staan om 5.30 uur op. Na een kopje thee gaan we in de bus op weg naar het watergat. Onderweg zien we alweer neushoorns, helaas duiken ze snel tussen de struiken, diverse bokken en zebra´s bij de plas is niet veel wild, slechts een paar springbokken. Op de terugweg zien we wel weer veel Giraffen. Na de lunch worden de tenten opgeruimd en rijden we verder naar Namutoni, bij een watergat zien we dan weer giraffen, jakhalzen, hyena´s en olifanten.

Vanavond eten we in het restaurant, niet zo heel lekker.

 

Dag 17 – Etosha – Grootfontein (82 km)  Brullende Leeuwen …..

Vannacht werden we opgeschrikt door brullende leeuwen aangevuld door andere dieren geluiden waaronder het geluid van de jakhals, versterkt door de Hyena´s, overige geluiden kan ik niet meteen thuisbrengen.

Jakhalzen liepen hier sávonds al om onze tent heen, normaal zou ik het eng vinden, maar hun komst was al aangekondigd dus was het geen verassing meer en kon ik er geamuseerd van genieten. Net weer ingedommeld worden we opnieuw opgeschrikt door een oorverdovend gebrul, het lijkt wel of ze naast de tent staan. Een geweldig geluid om te horen, dan besef je pas hoe diep je in de natuur zit, jammer dat we de leeuwen niet echt hebben gezien. Rondom horen we wat stemmen, iedereen is van het geluid wakker geworden. Voor dag en dauw staan we weer naast de tent, snel opruimen, ontbijten en op weg.

Monique oppert om nog snel even bij een watergat te gaan kijken of we leeuwen zien, iedereen stemt in, de spanning stijgt met de minuut: zouden er leeuwen zijn? Helaas niet dus.  Nog snel even een ander watergat?  Ja waarom niet, Hier wel Giraffen, wrattenzwijn en gemsbok maar weer geen leeuwen.

Nu gaat dus echt de 100 km transfer van start.

We rijden ’s ochtends eerst uit het park naar het Otjikoto meer, hier kijken we even rond ondertussen worden de fietsen van de aanhanger gehaald. Mijn band staat zacht, omdat we niet zeker weten of de band lek is of alleen maar zacht nemen we het zekere voor het onzekere en gaat er meteen een nieuwe binnenband op. Als ik de band door het water haal is er geen lek te bespeuren, mogelijk is er door het husselen op de aanhanger lucht ontsnapt via het ventiel. Ik heb nog steeds heel veel vertrouwen in het antielek systeem van Schwalbe.

Dat Namibië niet louter uit woestijn bestaat, is bij Lake Otjikoto goed te zien. Dit meer is gevormd in een krater van 55 meter diep en heeft kristal helder water. Een prachtige plek om te stoppen. Zwemmen is helaas verboden. Het ziet er wel apart uit, je kunt duidelijk zien dat het een krater is. Tsumeb is een van de belangrijkere steden van Namibië en wellicht ook een van de rijkere, dankzij de mijn en landbouw. Lange tijd was dit een van de belangrijkste inkomsten van Namibië. Hier bevinden zich nog heuvels die nu nog een grote variëteit aan mineralen bevatten. Tegenwoordig zijn de meeste mijnen dicht. Langs de heuvels waar de mineralen gedolven worden fietsen we richting Grootfontein, onderweg wordt nog even gestopt bij een schooltje, hier wonen kinderen die bij hun ouders zijn weggehaald omdat die zich niet om hun kinderen bekommerde, veelal door armoede en drankverslaving. Hier krijgen kinderen een kans op een eigen leven, We worden hier met gejuich ontvangen, we zien een leraar, een missionaris, maken een praatje, blijkt dat hij in Roosendaal op het MilHil heeft gestudeerd, wat is de wereld toch klein.

Een jongen wil graag een rondje op mijn fiets rijden, ik spreek met hem af dat hij het rustig aan doet en ik video opname van hem maak, dat is O.K. hij draait zijn rondje, luid aangemoedigd door zijn klasgenoten en levert volgens afspraak mijn fiets weer terug in, het is heerlijk om zo’n glunderende snoet te zien, hoe weinig hebben deze kinderen.

De onderwijzer wordt door ons voorzien van pennen, speciaal uit Nederland voor dit doel meegenomen, en dan nemen we hartelijk afscheid en wensen de missionaris veel sterkte.

Terwijl wij weer terugrijden richting camping, komen we de andere deelnemers tegen.

Wij rijden door naar Grootfontein, waar we overnachten op een interessante plek, een voormalige militaire post van de Duitsers uit de 19de eeuw. Het zogenaamde Schutztruppenhaus.

Deze camping wordt gerund door hoe kan het ook anders een Duitser, beetje typisch figuur.

De route vandaag loopt hoofdzakelijk over asfalt dus is het weer een snelle route.

We drinken eerst wat en vervolgens wordt de tent opgezet, daarna douchen en dan Monique helpen met de voorbereidingen voor het diner.

Vanavond schaft de pot een Braai, we eten koedoe, zebra en gemsbok, het smaakt allemaal weer erg lekker.

Temp:31

Gem.snelheid:21.4

 

Dag 18 Grootfontein – Kamrav Farm (82)  Meteoritisch…

Na een heerlijke nachtrust en een lekker ontbijt kijken we hier nog even rond en stappen dan weer op onze stalen ros, vandaag hoofdzakelijk grondpad. Dit is een van de mooiste, of liever gezegd, groenste route op de reis. In heel Namibië is er geen gebied dat zoveel water heeft en hoe belangrijk water is, laat dit gebied zien. Het is rijk aan landbouwlanderijen en kleine mijnen. Het eerste gedeelte fietsen we over een grondpad langs de heuvels en landerijen. Vlak bij Grootfontein bereiken we de plek waar ‘s werelds grootste landmeteoriet te zien is. De Hoba meteoriet weegt meer dan vijftig ton en heeft een volume van negen kubieke meter en viel ongeveer 80.000 jaar geleden uit de lucht. Het is absoluut een “must” om te zien dus dwalen we even van de weg af om dit”ding”te gaan bekijken. Eerst kopen we de onvermijdelijke toegangskaartjes en begeven ons dan op weg om het “ding”te gaan bekijken, niet wetende wat we ervan kunnen verwachten.

In een kuil ligt daar een enorm brok iets het is geen steen maar bestaat uit verschillende metalen heb ik begrepen. Duidelijk is te zien dat er ijverig is geprobeerd er stukken af te halen, zo te zien is dat niet echt gelukt, maar goed ook. Het is bijna ongelooflijk dat dit zomaar uit de lucht is komen vallen.

We kijken wat rond, maken een paar foto’s en vervolgen onze weg. In het begin zijn er veel klimmetjes, en hebben we mooie vergezichten en af en toe nemen we een kodak moment. Veel verkeer is er niet op de weg, slechts af en toe loopt er ineens iemand. Tot de koffiestop zitten we tussen de bergen, daarna alleen maar bergafwaarts en dan loopt het tempo lekker op.

We komen vandaag ook in het gebied dat bekend staat als Bushmanland. Het is een fossiele woestijn, maar niet een woestijn met zand.  De weg verloopt min of meer langst boerderijen, onderweg moeten we hekken openen en sluiten, van boer naar boer. Opvallend was dat het pad dit keer weer rode grond was.

De begroeiing is een lage vegetatie van struiken en in contrast tot het imago van woestijn is Bushmanland groen. Dit was honderden eeuwenlang een van de belangrijkste gebieden waar de Bosjesmannen woonden. Het oudste ras ter wereld. Het gebied strekt zich tweehonderd kilometer oostwaarts naar Botswana en de Kalahari. Het is een onherbergzame wildernis waar men alleen kan overleven met voldoende voorbereiding en kennis.Tot voor een eeuw terug leefden de bosjesmannen zoals de Europeaan in het Stenen Tijdperk. In de heuvels zijn nog tal van rotstekeningen te zien. Tegenwoordig zijn de gebieden nabij de steden in gebruik van boeren, die honderden runderen laten grazen op duizenden hectares grond. We overnachten op een camping op een wild en vee boerderij, vanwaar we een geweldig mooi uitzicht hebben.

Het is hier duidelijk een liefhebbers bedrijf, zo mooi ingericht en onderhouden.

Er lopen struisvogels en ook zien we veel springbokken.

Vanavond eten we: uiensoep, dat werd wel spannend want niet iedereen kan daar even goed tegen. S’’ nachts bleef het toch rustig, en heerlijke Bobottie.

Temp:29

Gem.snelheid:19.1

  

Dag 19 – Kamrav Farm – Waterbergplato Park (95 km)   Hekwerk….

Het was weer een koud nachtje maar met een lekker warme kruik was het goed te doen. Vandaag fietsen we over hoofdzakelijk boeren grond paden gescheiden door hekken die weer open en dicht moeten. Een rood, glooiend grondpad. Na ontbijt en gebruikelijke afwastoestanden vetrekken we, dit mooie gebied met moeite achterlatend. We komen hier en daar wat kuddes met koeien tegen, verder genieten we van de eindeloze rust die hier heerst. Wat een land, geweldig. Voor ons spelen bavianen op de weg: zullen we links of zullen we rechts? Of toch maar weer links? Uiteindelijk duiken ze rechts de bosjes in en als wij de plek voorbijfietsen in de veronderstelling dat ze ineens op de weg springen is er geen aap meer te bekennen, het was toch geen fatamorgana????? Tot de koffie stop loopt de weg aardig, een lange maar mooie tocht die ons alsmaar dichter brengt aan de imposante Waterberg met zijn rode loodrechten rotswanden en fascinerende rots formaties. Na de koffiestop komt er verandering, veel los zand en grind, hier moeten we af en toe stevig worstelen om op de fiets te blijven. Er steekt ook nog eens een stevige wind op, dat maakt het niet makkelijker. Regelmatig staan we even stil voor een foto of van de natuur te genieten. De omgeving is steeds groen, dit als gevolg van het feit dat er hier veel water is in de vorm van fonteinen die uit de Waterberg zijveren, vandaar ook de gepaste naam. Heel af en toe komt er een auto voorbij, je waant je hier bijna alleen op de wereld. Het is fijn om zo rustig te rijden. Na 70 km. Wordt het steeds zwaarder, af en toe strand ik in het mulle zand, mijn benen hebben niet meer de kracht om daar doorheen te trappen. Hoewel ik nog steeds geniet van de mooie natuur ben ik toch blij als we op de camping zijn. Even dacht ik dat ik het niet zou halen. Nu eerst even op krachten komen, Onder het genot van een biertje en chips bekijken we een grappig soort eekhoorn die uit je handen komt eten, de vermoeidheid is dan ook meteen weer vergeten. Het beestje pakt alles aan neemt een hapje en vervolgens gaat hij de rest snel begraven, die houdt ons wel bezig…

Tent opzetten en douchen.

We eten: resten soep, pasta carbonara

Temp:31

S’nachts:3.5Gem.snelhelheid:17.4

 

Dag 20 Waterbergplato Park – rustdag

Vandaag een echte rustdag, d.w.z. tot vanmiddag, na de lunch staat er een gamedrive op het programma .

Om half negen krijgen we een lekker ontbijtje met ei en spek.

Daarna een af (wasje) doen en dan lekker lui voor de tent een boek lezen.

Tevens vermaken we ons weer met de eekhoorns die uit de hand komen eten. Ondertussen vangt een neushoornvogel een krekel die hij lekker oppeuzelt.

Een kijkje in de kampwinkel maakt ons een setje kandelaars rijker, leuk voor in het tuinhuis.

Om 13. 00 uur lunch, terwijl we zitten te eten rukken de bavianen op en komt de katapult te voorschijn. De apen stropen overal de vuilnisbakken af, op zoek naar iets eetbaars.

Na de lunch maken we een gamedrive op het watrebergplateau. We rijden eerst de weg een stuk terug die we gisteren hebben gefietst en dan gaat het steil omhoog de berg op. We genieten eerst van het uitzicht en vervolgens rijden we naar een watergat, dat is hier totaal anders dan in Etosha, eerst worden we gewezen op de sporen van een witte en zwarte neushoorn, en de moppen van een witte neushoorn herkenbaar aan de grasachtige samenstelling, de zwarte neushoorn is een bladeter. Via een palisadegang lopen we naar een grote kijkhut, die uitkijkt op een aangelegd waterputje, er zijn hier slecht’s twee bokken te zien.

Na even te hebben gezeten gaat de tocht weer verder naar het tweede watergat, hier krijgen we tot onze verbazing een drankje aangeboden en gaat er een schaal met hapjes mee naar de kijkhut, daar konden we vervolgens al onze aandacht aan besteden want het enige wild wat er te zien was was een jachttrofee aan de muur.

De Waterberg is een prachtig gebied om te verkennen, mooie zandsteenformaties die door de zon mooi worden gekleurd. We zien nog een paar giraffen en een gemsbok, verder is er geen wild te bekennen.

Op de terugweg worden we bij het restaurant afgezet waar we een maaltijd nuttigen: salade v.d.chef, Gemssteak.

  

Dag 21 – Otjowarongo – Kalkveld (101 km)

Om 5 uur vanmorgen warden we gewekt door een lawaaierige groep die hun kamp op gaan breken, Dat je vroeg weg wil, daar is niks op tegen, maar het kan ook iets rustiger. Op tijd ruimen wij ook onze tent op, we zijn nu toch wakker. Na het ontbijt hebben wij eerst een transfer van 100 km naar Otjiwarongo. Op een parkeerplaats worden de fietsen afgeladen en weer rijklaar gemaakt. Dan volgt de briefing: de weg zou snel zijn, wind mee, (wij geloven daar niet zo in) dus kun je eerst in het dorp koffie drinken of meteen gaan fietsen. Ik ben altijd van de langzame dus gaan we maar op ons gemakje fietsen we zien wel hoe het onderweg gaat.

De meeste deelnemers gaan geloof ik eerst koffiedrinken.

Volgens Monique is de eerste 70 km. asfalt, helaas zit mijn rug vandaag aan de verkeerde kant want ik voel vandaag geen windje in de rug.

We stoppen eerst bij een oude stoomtrein om foto’s te maken.

Onderweg zien we gieren in de lucht, het is een grote groep, als we rustig staan te kijken zien we ze landen in bomen en kunnen mooie foto’s maken.

Op 45 km. hebben we een koffiestop, even lekker zitten en dan rustig verder want de weg is nog lang. Op 70 km volgt het zandpad, na het lange asfalt is dit een welkome afwisseling, je ziet toch iets meer dan op een asfalt weg, hoewel we meteen weer worden geplaagd door loszand en stenen, voorbijrazende auto’s doen weer enorme stofwolken opwaaien, dat is weer even wennen.

We genieten weer van mooie vergezichten, doordat er weer veel loszand is strand ik regelmatig in een zandkuil en moet ik even gaan lopen er is niet doorheen te trappen.

Opeens staat Monique voor onze neus, deze stop hadden we niet verwacht, lekker even een colaatje drinken, water bijvullen en dan weer verder.

We ploegen door in het zand, genieten van de natuur en eindelijk bereiken we de camping. De baas zelf houd voor ons het hek open en we kunnen zo doorreiden: Guten tach… de volgende zandbak in.

We staan voor een zeer droge rivierbedding, hier valt niet doorheen te fietsen het gaat ook nog eens meteen steil bergop, hoe gaat Monique hier doorkomen?

Het is 5 uur als we aankomen, voor het donker kunnen we onze tent opzetten, het is hier vrij primitief, dat wil zeggen geen elektriciteit, wel warm water gestookt door een donkey, helaas is de waterleiding kapot het water stroomt zo over de camping, daar moet wat reparatie aan te pas komen, gewapend met zaklamp komt er iemand kijken en na een uurtje of wat is het lek gedicht, ondertussen hadden we al zo koud gekregen dat we ons al in het thermospul hebben gehuld, het douchen bij kaarslicht laten we maar aan ons voorbijgaan.

Ondertussen ontstaat er enige paniek: twee mensen zijn nog onderweg. Ondertussen wordt al wel hun tent op gezet, zij boffen, als het erg lang duurt, gaat Monique op onderzoek uit, ze waren er al bijna, lekke band en geen zicht deed hun besluiten om het laatste stuk te voet af te leggen. 

Ik besef dat we vanmorgen de situatie redelijk goed ingeschat hebben.

We scharen ons om het kampvuur en terwijl Monique de maaltijd bereid genieten we alvast van Kaas en toast.

Vanavond schaft de pot een Braai: koedoe, Lam Het smaakt weer heerlijk.

Temp:32

S’nachts:3

Gem.snelheid:20

 

#Dat Namibië miljoenen jaren geleden gevormd is, laten de dinosaurus voetafdrukken duidelijk zien. Ze zijn te vinden in de buurt van het spookstadje Kalkveld; ooit een redelijk welvarend dorpje, dat zijn voornaamste bestaansrecht aan een spoorstation te danken had, maar met invoering van moderne locomotieven is dit dorp in verval geraakt. De omgeving van het dorpje is prachtig. Zeker als we het grondpad nemen richting de dinosaurus voetafdrukken, die letterlijk voor eeuwig in versteende modder zijn achtergebleven. Het eerste gedeelte van de route gaat nog over asfalt, maar na Kalkveld slaan we af op een grondpad dat door de fraai gevormde bergen en heuvels gaat. We overnachten op een wildcamping op de plek waar de dinosaurussen 150 tot 200 miljoen jaar geleden rondzwierven.

 

 Dag 22 – Kalkveld – Omaruru (58 km)  Afscheid van de rimboe….

Dit is de laatste dag van de fietsroute en we volgen het grondpad naar Omaruru. Menigmaal fietsen we met de Omaruru rivier mee en langs de weg staan huizenhoge termietenheuvels die als kastelen aan de horizon staan. Met een beetje geluk komen we nog wat wilde dieren tegen. Wrattenzwijnen, koedoe’s en gemsbokken. We overnachten in een privaat wildpark vlak voor Omaruru. Het park is in totaal 3500 hectare groot, maar een gedeelte is helemaal omheind en hier lopen de wildebeesten, giraffen, koedoe’s, elanden en sabelantilopen, neushorens en wellicht een verdwaalde olifant. We slapen in huisjes en eten in Afrikaanse stijl in het wildpark.

Als we tent opbreken zie ik dat er vannacht hoefjes om de tent hebben gelopen, blijkt de dicdic te zijn een klein bokje. Na het ontbijt krijgen we eerst een rondleiding van Her Reinald naar de Dino foodprints, erg interessant.

Daarna de fietsen gepakt en op weg, eerst hier uit de zandbak zien te komen en dan rustig verder.

Achter ons komt maar niks, normaal rijd Jan al voorbij of Gerard, we gaan bijna denken dat we een verkeerde weg hebben genomen, er zijn hier geen afslagen dus dat kan niet.

Na 5 km krijgen we het vermoeden dat Monique vastzit in de rivierbedding, anders hadden we al lang iemand moeten zien.

We gaan dus heel rustig aan verder, af en toe even stilstaan om van het landschap te genieten want het is hier ongelooflijk mooi, fotootje maken op zijn tijd, rond kijken of we wild zien.

Er verschijnen ook steeds mooie bergtoppen in beeld, de weg loopt op en af, met venijnige klimmetjes en afdalingen die stranden in een zandbedding waar we soms van de fiets moeten omdat er niet door te komen is. De weg is niet al te best, veel stenen en zand.

Ineens staan er twee wrattenzwijnen voor ons op de weg, snel de camera gepakt voor een plaatje.

Even verderop spelen bavianen op de weg die ijlings wegschieten als ze ons ontdekken en nog steeds is er niemand te zien achter ons.

Aangekomen bij de rivierbedding waar de lunchafspraak was besluiten we te stoppen en onze boterham te eten, even nadien komt Gerard en vernemen we wat er gebeurd is: Monique zit inderdaad vast in de bedding met man en macht wordt er gewerkt om de boel weer op gang te krijgen.

Nadat we even hebben gepauzeerd gaan we weer rustig verder in de wetenschap dat het nog wel even kan duren voor de rest volgt.

Al vrij snel komt Monique aanrijden en krijgen we het hele verhaal en water en dan hebben we nog slechts 15 km te gaan.

Het laatste stuk is niet bepaald makkelijk, veel loszand en nog een paar pittige klimmetjes en een hoge temperatuur laten ons nog even flink afzien voor we de eindstreep bereiken.

Maar dan ineens zijn we er, hoera we hebben de tocht volbracht, nog even zoeken waar we moeten zijn en dan worden we op een hartelijke manier door Monique ontvangen, zo nu lekker even zitten en wachten op de anderen die een voor een arriveren, het zit erop.

We hebben hier ronde huisjes die in een kringvorm staan, in het midden is een terras met een zwembadje, ineens zien we Gerard een rare beweging maken de poten van zijn stoel draaien onderuit en langzaam zakt hij in een salto op de grond, een komisch gezicht.

Rondom onze huisjes loopt wild, vanuit ons slaapkamerraam zie ik een koedoe voorbijkomen en lopen er struisvogels.

Om halfzeven gaan we eten in het restaurant, daar is het net een grote kinderboerderij, rondom een grote waterplas loopt allerlei wild dat constant wordt gevoerd: een witte en een zwarte neushoorn, Eland, zebra’s, koedoe. Gemsbok, springbok, struisvogels en weet ik wat nog meer.

Nadat je al deze beesten in het wild hebt gezien doet dit toch een beetje denken aan een dagje in de dierentuin. Nadat we buiten op het terras wat hebben gedronken, wordt er binnen gegeten.

We eten koedoe, een mooi stuk vlees smaakt erg lekker.

Temp:33

S’nachts:4,5

Gem.snelheid:15 (mede doordat we extra langzaam hebben gefietst toen we niemand zagen)

  

Dag 23 – Omaruru – Windhoek Airport

Nog even genieten van de zonrijke Afrikaanse ochtend tussen het wild en Afrikaanse acacia’s. Na een ontbijt in het restaurant  gaan we nog even kijken waar het luipaard zit, we boffen het is voedertijd en we mogen even mee gaan kijken. Eerst naar de cheeta’s, zij krijgen grote brokken koedoe die over het hek worden gegooid waar zij klaar staan om deze op te vangen. In een mum van tijd hebben zij het vlees verslonden. Dan naar het luipaard, deze gaat grimmig tekeer en hier worden de brokken koedoe onder het hek bij een gat gegooid waar het beest de stukken met zijn poot naar binnen sleurt en in snel tempo het vlees verslind. Daar worden we toch even stil van, kom je in het wild een Luipaard tegen, dan blijft er niets van je over. Goed dat we veilig in de bus hebben gezeten.

Nu snel de laatste spullen inpakken, bus inladen en op weg voor transfer naar de luchthaven van Windhoek.

Helaas, als we op het asfalt rijden gaat het mis met de aanhanger, schroeven zijn krom en gebroken,

Gelukkig staan we net voor Omaruru en gaat Monique op zoek naar nieuwe schroeven. Ondertussen wordt geprobeerd om de kromme bouten eruit te draaien wat uiteindelijk met vereende krachten lukt. Als Monique terug is blijkt het toch allemaal niet echt te passen, dus wordt besloten: wij koffiedrinken en Monique en Jan gaan naar een zaak die de boel in orde kunnen maken zo kunnen we niet verder.

Wij lopen verderop naar een winkel/restaurant en zetten ons op het terras, het is tevens souvenir shop dus kijken we even rond of we nog iets leuks vinden, de koffie en cake is ondertussen besteld.

We genieten van ons bakkie en zijn blij als we uiteindelijk de bus aan zien komen. Er wordt snel afgerekend en kunnen we op weg naar Windhoek, nog een heel eind te gaan. Voor de houtsnijmarkt in Okahandjs is geen tijd meer.

Redelijk op tijd komen we na nog een korte pauze onderweg aan bij het vliegveld, waar de fietsen weer in de dozen gaan. Op onze doos wordt geschreven door Monique: tot ziens in de bloemenkaap met een tekening erop.

Nadat we zijn ingecheckt is er nog even tijd voor een kopje koffie en dan volgt het onvermijdelijke afscheid. Wij zeggen: bai dankie en tot November.

 

Een rustige vlucht gehad tot Frankfurt, Wij hadden de volgende vlucht naar Amsterdan pas om elf uur dus tijd zat, de overige deelnemers moesten om meteen doorvliegen, voor hun was het even stress om aan een ticket te komen.

Nadat we afscheid hebben genomen hebben we ons in de VIP-luonche van de KLM geïnstalleerd met een boek, koffie en koek, heel relaxt, voordeel van Business class  vliegen.

Eenmaal in het vliegtuig hadden we nog 20 min. Vertraging, een 17 tal passagiers zat vast in een terminal die vanwege een brandalarm hermetisch was gesloten.

Op schiphol was er weer vertraging omdat er een computerstoring was en er geen bus beschikbaar was, weer een reis met hindernissen

 

  #Namibië is rust, stilte, leegte. Er is nauwelijks begroeing, bijna geen (grote) dieren, dus ook weinig mensen. Het is ongelofelijk hoe de San (bushmen) hier ooit hebben kunnen leven, het is zo onherbergzaam